|
|
| A | B | C | D | E | F |
| G | H | I | J | K | L |
| M | N | O | P | Q | R |
| S | T | U | V | W | X |
| Y | Z |

| A | B | C | D | E | F |
| G | H | I | J | K | L |
| M | N | O | P | Q | R |
| S | T | U | V | W | X |
| Y | Z |

Reeds enige jaren voor de oprichting van v.v.Rijswijk werd er zomers door een aantal vrienden al gevoetbald op het oude VUC veld. Dit veld lag op de lokatie waar nu de Emmastraat in Den Haag ligt. Hier is eigenlijk de kiem voor het verenigingsleven van v.v.Rijswijk gelegd.
Echter dit veld moest men alweer snel verlaten en de vrienden verhuisden naar het land van Was, een stuk land waar nu anno 2009 de Carel Nakkenstraat in Rijswijk ligt.
In 1919 bevatte de Rijswijkse Courant een advertentie welke een uitnodiging inhield mede te werken aan de oprichting van een voetbalvereniging. De initiatiefnemers van deze advertentie waren de gebroeders Bert en Chris van der Kooy en Klaas Severijns, drie vrienden uit eerder genoemde groepje voetballende jongens.
Op 10 april 1919 werd er een oprichtingsvergadering gehouden in "de Gouden Bal", lokatie Herenstraat hoek Torenstraat. Bert van der Kooy werd de eerste voorzitter, een functie die hij meer dan 10 jaar zou vervullen. Piet Joostema werd secretaris, wat hij tot zijn dood zou blijven (Piet kwam later jammerlijk bij een auto ongeluk om het leven!), en J.v.d.Bol werd penningmeester. De naam van de nieuwe voetbalvereniging werd "Voorwaarts".
Het spreekwoord "Wanneer er één schaap over de dam is volgen er meer" gold ook op het sportgebied in Rijswijk. Reeds in de week van de oprichting van Voorwaarts werd er in Rijswijk nog een voetbalvereniging opgericht onder de naam V.V.R. Zo waren er twee voetbalverenigingen in Rijswijk vol levenslust en moed maar zeer arm en zonder velden.
Ook op ander sportgebied was er belangstelling in Rijswijk en zodoende werd er overgegaan tot een combinatie van verschillende verenigingen onder de naam S.V.R.(Sport Vereniging Rijswijk). Bij deze vereniging deed men o.a. aan gymnastiek, korfbal, wielrijden en natuurlijk voetbal.
S.V.R. slaagde er wel in een veld te huren op het terrein waar nu de Schimmelweg en zijstraten zijn gelegen. De kleedgelegenheid bestond uit een schuur waarvan de wanden waren opgebouwd uit rietmatten en de wasgelegenheid een slootje wat langs het clubhuis stroomde.
In de zomer van 1919 werd dit veld feestelijk geopend door de heer Henri te Hall. Het programma bestond uit athletiekwedstrijden, gymnastiekdemonstraties en als slot een voetbalwedstrijd tussen Voorwaarts en V.V.R. waarvoor de heer te Hall een gouden medaille beschikbaar had gesteld. De wedstrijd eindigde onbeslist en na loting werd V.V.R. de gelukkige bezitter van de gouden plak.
Reeds in het jaar van de oprichting trad Voorwaarts toe tot de H.V.B. wat tot gevolg had dat de naam moest worden gewijzigd omdat er al een club bestond met de naam Voorwaarts. Voorwaarts werd nu veranderd in voetbalvereniging Rijswijk.
Resultaten v.v.Rijswijk van 1920 t/m 1929
In seizoen 1919-1920 startte v.v.Rijswijk met 3 elftallen in de H.V.B. Rijswijk 1 eindigde op een 4e plaats (achter kampioen HDV 1, BMT 3 en Graaf Willem II Vac 3) met 21 punten uit 16 wedstrijden. Rijswijk 2 werd zelfs kampioen en door de toenmalige reglementen promoveerde zodoende Rijswijk 1 naar de 2e Klasse H.V.B.

Rijswijk seizoen 1919-1920. Staand v.l.n.r. F Leerdam,P Joostema,W van Wijk,J van Oosten en G de Hollander. Geknield A Schoonhoven,P van Buytene en L Spek. Zittend K van Rijn,J Paardekoper,J Theil,A vd Reijden en J Verbeek.
In seizoen 1920-1921 behaalde Rijswijk 1 de tweede plaats in de 2e Klasse H.V.B. en promoveerde zodoende naar de 1e Klasse H.V.B. Een ongekend succes, twee jaar spelend in de Bond en in deze tijd reeds gepromoveerd naar de 1e Klasse.
De volgende jaren brengen deze successen niet meer maar de verrichtingen waren van dien aard dat de hoop op een kampioenschap bleef bestaan.
In seizoen 1921-1922 behaalt Rijswijk 1 een vierde plaats in de 1e Klasse C

Rijswijk 1 seizoen 1921-1922 Staand v.l.n.r. J van Oosten,K de Vries,A Bode,D vd Horst,W van Wijk,H Krul,J Sterrenburg,B vd Kooy en H de Vries. Zittend F Kleinjans,F van Egmond,W Gabriëls,N vd Pol en K Nelemans
In seizoen 1922-1923 behaalt Rijswijk 1 een tweede plaats in de 1e Klasse C
In seizoen 1923-1924 kreeg het eerste elftal een geduchte inzinking en eindigde op de één na laatste plaats in de competitie. In seizoen 1924-1925 herstelde de club zich en eindigde op een derde positie.
In seizoen 1925-1926 wordt Rijswijk kampioen van de 1e Klasse A en promoveerde zodoende naar de N.V.B. (nu K.N.V.B.)
In het seizoen 1926-1927 wordt Rijswijk ingedeeld in de 4e Klasse C samen met o.a. D.H.S., Naaldwijk, G.S.V., Wesco en Celeritas. Rijswijk eindigde op een vierde positie.
Het seizoen daarop (1927-1928) behaalt Rijswijk ongeslagen het kampioenschap in de 4e Klasse B met de volgende cijfers; 16 wedstrijden gespeeld 29 punten (13 keer gewonnen en 3x gelijk).
Voor het bereiken van de 3e Klasse moesten er promotiewedstrijden gespeld worden tegen Vlaardingen. Rijswijk wist ook deze wedstrijden te winnen en promoveerde zodoende naar de 3e Klasse van de K.N.V.B., een prachtig resultaat.
In seizoen 1928-1929 voor het eerst in de 3e Klasse. Rijswijk slaagde er met moeite in om de onderste plaats te ontlopen (16 wedstrijden 9 punten, 3x gewonnen, 3x gelijk en 10x verloren).
Waren de prestaties van Rijswijk 1 op het groene veld bevredigend, qua organisatie was dat minder het geval. In 1920 eindigde het kortstondige leven van S.V.R. en Rijswijk ging nu haar eigen zaken behartigen. Het eerste gevolg was dat de club weer moest verhuizen naar de z.g. Hoge Wei, vlak naast het VUC veld. Hiermee was echter Rijswijks nomadenleven nog niet ten einde. Na één seizoen, in 1921 dus, moest de club wederom verhuizen. Ditmaal naar de Delftweg naast de wielerbaan.
Dit terrein was eigendom van de heer R.S.Stokvis en er werd een huurcontract voor 5 jaar afgesloten voor de somma van 1000 gulden per jaar, een enorm bedrag natuurlijk voor deze tijd. Als tegemoetkoming werd de heer Stokvis voor een groot bedrag donateur van v.v.Rijswijk en schonk hij een prachtige beker (de Stokvisbeker) voor het organiseren van serie-wedstrijden.
Om bij het terrein te blijven, de heren huurders zetten de onderhandelingen voort en vonden de heer Hein Holtkamp bereid voor eigen rekening een prachtige tent te bouwen, compleet met scheidsrechtershokje, washok en kantine. Hiervoor verwierf hij het recht om op het terrein van Rijswijk en in de kantine consumpties te verkopen.
Maar helaas, ook ditzou niet langer dan één jaar duren. Een zware storm teisterde onze kusten en liet ook het Rijswijkterrein niet ongeroerd. Toen men de volgende dag het veld bezocht was werkelijk alles weggevaagd. het bestuur van vv Rijswijk stond voor de niet gemakkelijke taak om de her Stokvis te verzoeken om het kontrakt te willen annuleren, wat hij gelukkig ook deed.
Een geluk bij een ongeluk, v.v.Rijswijk kreeg van de gemeente een sportveld aangeboden vlak naast de Rijswijkse Wielerbaan waar de club tot 1932 heeft kunnen voetballen.
In 1932 werd de tramlijn naar Delft aangelegd en deze route ging dwars door het veld van vv Rijswijk. In afwachting van de ingebruikname van het door het gemeentebestuur toegewezen velden aan het Julianalaantje te Rijswijk was voetbalvereniging Laakkwartier zo vriendelijk om hun veld om de 14 dagen aan Rijswijk te verhuren. het Laakkwartierveld lag toen naast Westhof.
In 1933 kon de club dan eindelijk verhuizen naar het Julianalaantje waar de club tot 1959 heeft gevoetbald.
In het seizoen 1929-1930 eindigde Rijswijk 1 onderaan in de 3e Klasse A en moest zodoende degradatiewedstrijden spelen tegen Bodegraven (kampioen van de 4e Klasse A). Rijswijk wist deze wedstrijden te winnen en bleef behouden voor de 3e Klasse.
Het seizoen daarna (1930-1931) hetzelfde verhaal. Rijswijk 1 eindigde met maar 7 punten op de laatste plaats maar wist zich wederom te handhaven door de degradatiewedstrijden tegen RDM (kampioen 4e Klasse C) te winnen.
In 1931 meende voorzitter Bert v.d.Kooy te bedanken voor zijn functie als voorzitter waarbij ook zijn medebestuurders niet achterbleven. Een geheel nieuw bestuur werd gekozen. Voorzitter werd W.C.v.d.Rijden, secretaris F.Simonis en penningmeester C.v.d.Meer.
Dit bestuur heeft het echter niet langer dan 3 jaar volgehouden en moest plaats maken voor de heren; H.L.v.d.Zijden (voorzitter), B.Mastenbroek (secretaris) en C.v.d.Heide (penningmeester).
Voorzitter v.d.Zijden moest spoedig om gezondheidsredenen zijn functie neerleggen en werd opgevolgd door de heer P.J.Drilsma.
In het seizoen 1932-1933 werd Rijswijk 1 ingedeeld in de 3e Klasse A. Het elftal speelde een ongelukkig seizoen en eindigde op de laatste plaats dus moesten er weer degradatiewedstrijden gespeeld worden. Ditmaal was voetbalvereniging Hillegom de tegenstander en ieder wint een wedstrijd zodat er een beslissingswedstrijd op het terrein van ASC te Leiden gespeeld moest worden. Deze wedstrijd werd door Rijswijk met 2-1 verloren en zodoende keerde de club na 5 jaar spelen in de 3e Klasse terug naar de 4e Klasse.
In seizoen 1933-1934 eindigde Rijswijk 1 samen met SEP op de eerste plaats in de 4e Klasse C met 26 punten uit 18 wedstrijden. Een beslissingswedstrijd was dus nodig en deze wist SEP met 2-1 te winnen. Geen kampioen en geen promotie dus voor Rijswijk en deze zal ook wel enige jaren op zich wachten.
Seizoen 1934-1935 4e Klasse C 2e plaats 18-24
Seizoen 1935-1936 4e Klasse B 6e plaats 18-11
Seizoen 1936-1937 4e Klasse B 4e plaats 18-22
Seizoen 1937-1938 4e Klasse F 4e plaats 18-16
Seizoen 1938-1939 4e Klasse B 2e plaats 18-27
Ook financieel was het in de jaren dertig een moeilijke tijd voor Rijswijk. De werkloosheid heerste, geld ontbrak en vele leden lieten bij uitwedstrijden verstek gaan wegens gebrek aan reisgeld. Dankzij takt, vriendschap en opoffering van de leden gingen, ondanks deze moeilijkheden, de jaren tot aan 1939 rustig voorbij.

Seizoen 1939-1940 begon zo hoopvol maar eindigde in droevige omstandigheden. De mobilisatie schiep grote chaos in het verenigingsleven en de resultaten waren niet meer zo belangrijk. Rijswijk 1 eindigde op een 6e positie in de 4e Klasse.
Vlak voor de Tweede Wereldoorlog werden vele leden van Rijswijk opgeroepen voor mobilisatie. Ook voorzitter P.J.Drilsma werd opgeroepen en moest als kapitein zijn plichten vervullen. Helaas is hij hiervan nimmer meer van teruggekeerd!
De heer W.C.v.d.Reijden werd aangewezen de heer Drilsma als voorzitter op te volgen, totdat ook hij in 1942 zijn functie wegens familieomstandigheden tijdelijk moest neerleggen en voor deze periode werd vervangen door de heer J.G.Kok.
Er werd nog wel "gewoon" gevoetbald tijdens de bezetting. In seizoen 1940-1941 eindigde Rijswijk 1 op een 3e plaats, seizoen 41-42 op de 4e plaats, seizoen 42-43 6e en seizoen 1943-1944 op de 5e positie. In het seizoen 1944-1945 werd niet gevoetbald, iedereen had andere dingen aan zijn hoofd.
Reeds kort na de terugkeer van W.C.v.d.Reijden als voorzitter in 1943 vond er een belangrijke gebeurtenis bij voetbalvereniging Rijswijk plaats. Door de oorlogsomstandigheden was het ledenpeil behoorlijk teruggelopen en was het moeilijk zich nog in de 4e Klasse te handhaven. Na lang overwegen en rijp beraad werd besloten een fusie aan te gaan met voetbalvereniging Zuid Holland, die ook op Rijswijks grondgebied zijn domicilie had.
Na vele bijeenkomsten en vergaderingen van beide zijden werd in 1943 besloten tot fusie over te gaan. De naam en clubkleuren van Rijswijk bleven gehandhaafd, iets wat later bleek een wijs besluit te zijn geweest. Na deze fusie werd de heer H.Klos gekozen tot de nieuwe voorzitter van Rijswijk.
Al spoedig zou blijken dat de fusie niet voor 100% aan de verwachtingen voldeed. Het ene na het andere lid van v.v.Zuid Holland bedankte voor het lidmaatschap.
In het eerste seizoen na de Tweede Wereldoorlog speelde vv Rijswijk op het veld aan het Julialaantje. De entourage aan de Broeksloot op de grens van het dorp Rijswijk en Den Haag had wel iets, het veld landelijk gelegen vlak na het klooster van Don Bosco met twee voormalige ziekenhuisbarakken aan de slootkant, één als kantine en een tweede met 8 kleedkamer(tje)s en een wasgelegenheid met alleen maar wasbakken met koud waterkraantjes. Dat grondwater werd met de hand opgepompt naar een hooggelegen rank en het mocht niet worden gedronken. Het werd opgepompt op slechts enkele meters afstand van de mestvaalt van boer Hauser, dus niet vitaminerijk, maar wat gelig vol met bacteriën. Maar er was gezelligheid en sfeer in de kantine met een grote kachel in het midden en baas Meyer achter de toog.
Voor het eerst in de geschiedenis van v.v.Rijswijk verscheen er vlak na de oorlog een betaalde trainer in de vereniging en het bleek al spoedig dat het bestuur met de keuze van trainer C.v.d.Pijl een goede greep had gedaan. In die naoorlogse jaren werd Rijswijk enkele malen kampioen en speelde elk jaar wel een rol van betekenis. In het seizoen 1945-1946 werden maar liefst vier elftallen van vv Rijswijk kampioen. Het eerste elftal, met de technisch begaafde spelers als Kees Schoenmakers en Marten Lueks, haalde na het kampioenschap net de promotie naar de 3e Klasse niet maar het tweede elftal lukte dit wel. Zondags liep altijd het halve dorp uit voor de wedstrijd van het eerste elftal.

Rijswijk 1, kampioen 4e klasse E seizoen 1945-1946. V.l.n.r; Th de Looze, S Stuyfzand, C Schoenmaker, N vd Kleij, R Nieuwland, D Groenewegen, Th van Kampen, W Sips, M Lueks, C Ramstein, M Zwarts en C vd Pijl(trainer)
Het ging weer goed met de vereniging en de club kreeg een grote aantrekkingskracht. Bij uitwedstrijden van het eerste elftal trok een grote groep supporters mee om aan te moedigen. Daarbij werden op de fiets soms grote afstanden afgelegd, bij voorbeeld naar Gouderak en diep de Bollenstreek in tot vlak onder Haarlem. In seizoen 1946-1947 behaalde Rijswijk 1 een derde positie in de 4e Klasse met 23 punten uit 18 wedstrijden.
Het seizoen 1947-1948 zou het laatste seizoen van trainer Van der Pijl bij vv Rijswijk worden. Hij zou na vv Rijswijk bij HBS jaren lang één van de eerste fulltime trainers in Nederland worden. Het eerste elftal van vv Rijswijk werd dit seizoen net geen kampioen en eindigde op een 2e positie.

Rijswijk 1 seizoen 1947-1948. Staand v.l.n.r. R.Nieuwland, Th.van Kampen en S.Ditmars. Geknield Th.de Looze, L.vd Reijden en M.Lueks. Zittend S.Heeze, C.Schoenmaker, N vd Kleij, G.vd Kleij en A.Krijgsman
In 1947 werd nog wel, de in de oorlog uitgestelde, feestavond ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de club gevierd in de Stads Doelen.
Na trainer Van der Pijl kwam de heer Molendijk, een al wat oudere man als trainer. Tijdens dit seizoen werd het Rijswijkveld opgeknapt en daarbij ook wat opgeschoven richting Broeksloot zodat er ruimte kwam voor een tweede, maar wel kleiner, veld. In oktober 1948 ging de club weer een belangrijke stap vooruit, Rijswijk kreeg electrisch licht! Door al deze werkzaamheden moest de club wel even tijdelijk verhuizen. De seniorenelftallen moesten deze periode uitwijken naar de v.v. Voorburg aan de Prinses Mariannelaan en de junioren speelden op het veld midden op de speedwaybaan langs de grote weg naar Delft en bij Semper Altius op het complex Hoornpark. Getraind werd er echter door de senioren aan het Julialaantje ook al kon er geen gebruik worden gemaakt van het veld. Trainer Molendijk deed daarom veel aan looptraining. Via de Vredenburchweg door het bos Overvoorde - waar allerlei rek en strekoefeningen werden gedaan- naar Wateringen en dan weer terug over de Schaapweg/Kleyweg/ Rembrandtkade naar het Rijswijkveld. Ondanks deze moeilijke omstandigheden wist het eerste elftal van vv Rijswijk dit seizoen weer eens kampioen te worden, ditmaal van de 4e Klasse G, maar helaas lukte het nu ook weer niet om het zo begeerde 3e Klasseschap te halen.
Na één seizoen werd er alweer afscheid genomen van trainer Molendijk en werd Jan Rolfes, de ooit zo bekende rechtsback van VUC, de nieuwe trainer. Trainer Rolfes was echt een grootheid in de voetballerij want hij speelde ooit in de hoogste Klasse in VUC 1 samen met o.a. Bertus en Karel de Harder, de snelle Jan Holleman en andere bekende voetballers. Van hem leerden de spelers van vv Rijswijk de bal in alle standen met borst en ingetrokken buik op te vangen en dood neer te leggen. Van hem werd ook geleerd hoe je van achter uit het spel moest verplaatsen, het samenspel kreeg ineens veel meer aandacht. Rijswijk 1 eindigde dit seizoen uiteindelijk op een 5e postitie in de 4e Klasse.
In 1950 werden de clubgebouwen tegelijk met de velden gerenoveerd. Onder leiding van Sjaak Bakkenes werden de voormalige ziekenhuisbarakken op palen gezet, zodat de funderingen konden worden gesloopt en vernieuwd. Ook de vloeren gingen er die zomer helemaal uit. Overdag waren de "oude mannen" Hamelink en Van Es aan het werk, vooral met het metselwerk, bijvoorbeeld met de neutjes voor de verrotte palen om de opbouw weer recht te zetten. Dan waren Aad van der Heide en Aad Berkhout sr. de hulpjes voor het maken van specie , sjouwen met stenen en dergelijke. Van der Heide en Berhout gingen bijv. ook met de bakfiets doelpalen en latten halen bij een aannemer in de Stadhoudersstraat en konden hiermee dan nauwelijks de bocht nemen vanuit de Blekerslaan de Herenstraat in. Bij de draaierij en lasserij “Van Beekum” op de Laakkade haalden men dan gebluste carbid (gebruikt voor lassen) om de lijnen te kalken op de nieuwe velden. Eindelijk waren alle werkzaamheden afgerond en kon de vv Rijswijk weer terugkeren naar het oude vertrouwde veld aan het Juliaantje te Rijswijk.
Foto uit 1950 t.g.v. de restauratie van het klubgebouw op het terrein an het Julialaantje.
Op de achtergrond Bob van Beekum, achter de ramen onbekende figuren Staand v.l.n.r. de oude Hamelink (destijds ook de bewaarder van de fietsenstalling), Marten Lueks, Gerard van Es, Jan ten Brink Klaas Kleij, Gerrit Kleij, Theo Spek , de "dove"van Beekum, Leen Spek, André Cossée, Leo Lans, Piet de Ruyter, Bart Leget, Dick de Bree, Sjaak Bakkenes, Aart van der Reijden, ….van Beekum, Theo van Kampen, ….van Beekum, Kees van Leeuwen, …. Van Beekum. Gebukt: Henk van der Heide en Roel Brandwijk. Zittend Harm van Es met naast zich zijn zoontje, Hans van der Heide ( zijn broer Aad ontbreekt), Ferrie Lammertsma,Leo van Schoten, Aad Berkhout en Wim den Dulk.
![]()
Het seizoen 1950-1951 werd een prachtseizoen en Rijswijk 1 behaalde met 33 punten uit 22 wedstrijden het kampioen in de 4e Klasse C binnen. Spannende promotiewedstrijden tegen Archipel en Wilhelmus moesten uitmaken welke twee clubs zouden promoveren naar de 3e Klasse. Uiteindelijk promoveerde Archipel en ..... vv Rijswijk naar die 3e Klasse.
Een jeugdelftal, bestaande uit o.a. Dirk Key, Chris Pieterse, Jan Daudt, Karel Klein, Leen Klaver, Jan Renooy, Bart Berger, Dick van der Velde, Gerrit v.d Ende, Aad Berkhout, Aad van der Heide en Jan Heymans werd dit seizoen o.l.v. Freek van Driel ongeslagen kampioen in Klasse 1b. Maar liefst acht van de twaalf spelers uit dit succesvolle team zouden later voor het eerste elftal van vv Rijswijk uitkomen.
In het seizoen 1951-1952 ging de zo moeizaam verworven promotie naar de 3e Klasse alweer verloren want Rijswijk 1 degradeerde weer naar de 4e Klasse. Ernstige moeilijkheden tussen verschillende bestuursleden was daar één van de oorzaken van. Op een ledenvergadering op 25 augustus 1951 kon voorzitter H.Klos zich niet verenigen met de na de stemming gekozen nieuwe bestuursleden en stelde alles in het werk het afgestemde bestuurslid H.Weber alsnog in het bestuur te behouden. Zijn voorstel om het bestuur tot 11 leden uit te breiden kon geen genade in de ogen van de andere leden vinden. Wegens het late uur werd de vergadering verdaagd tot 31 augustus. Dhr.Klos hervatte de tweede vergadering met de heer Weber naar voren te brengen en verzoekt één van de nieuw gekozen bestuursleden zijn plaats af te staan aan de heer Weber. Niemand had daar oren naar en het werd steeds rumoeriger. Van het één kwam het ander, verwijten gingen over en weer met als gevolg dat het hele bestuur minus de heer J.G.Kok de zaal verliet. De heer Kok sloot de vergadering af en zegde toe spoedig met medewerking van de Ereleden een nieuwe ledenvergadering uit te zullen schrijven. Deze vergadering vond plaats op 7 september 1951 en de bestuursverkiezing sloot dit incident volkomen af. Al spoedig bleken er echter vlak na de vergadering weer verschillende meningsverschillen in het bestuur te ontstaan, o.a. over de opstellingen der elftallen. Voorzitter H.Klos besloot nu onmiddelijk te bedanken als lid en hij werd gevolgd door de heren F.van Beekum en H.Weber. Met hen verdwenen nog enige leden en reeds veertien dagen later richtte men een nieuwe voetbalvereniging op genaamd "de Rijswijkse Boys", afgekort S.V.R.B.
In seizoen 1952-1953 was het eerste elftal van vv Rijswijk dus weer teruggekeerd in de 4e Klasse en alles werd in het werk gesteld het verloren terrein te heroveren. Dit bleek echter niet te lukken want Rijswijk 1 eindigde uiteindelijk op een 4e plaats.
Ook in het seizoen 1953-1954 ging de opbouw en herstel nog steeds moeilijk en de club eindigde op een vijfde positie in de competitie. Rijswijk 5 en Rijswijk 6 werden dit seizoen wel kampioen.
Ook in seizoen 1954-1955 eindigde Rijswijk 1 op een 5e positie. Rijswijk 3 en Rijswijk 8 werden in dit seizoen kampioen.
Na het seizoen 1954-1955 verliet trainer Jan Rolfes de club.
Trainer Jan Rolfes werd opgevolgd door A.Kantebeen uit Leiden. Al spoedig zou blijken dat Rijswijk hiermee een lot uit de loterij getrokken had. De trainingen werden druk bezocht
Het topjaar van de naoorlogse generatie Rijswijk voetballers zou seizoen 1956-1957 worden. In het tweede seizoen van trainer Kantebeen werd zowel Rijswijk 1 als Rijswijk 2 onder zijn eminente leiding kampioen en beiden promoveerden ook nog eens.
Het eerste elftal werd met een straatlengte voorsprong kampioen in de 4e Klasse C en moest zodoende in de promotiecompetitie aantreden tegen RKWIK, ASC en Rava. Het team van trainer Kantebeen deed het uitstekend en uiteindelijk moest men via een beslissingswedstrijd tegen ASC uit gaan maken wie er zou gaan promoveren. In deze beslissingswedstrijd, die gespeeld werd bij Blauw Zwart in Wassenaar, moest vv Rijswijk aantreden met een sterk gewijzigd elftal met drie spelers uit het tweede elftal en met Jan Daudt (net terug uit Nieuw Guinea). De Rijswijkse achterhoede was in deze wedstrijd niet te passeren en de voorhoede combineerde dat het een lieve lust was en de uitslag werd maar liefst 4-0 voor Rijswijk en promoveerde hiermee wederom naar de 3e Klasse
De opstelling van Rijswijk in deze promotiewedstrijd was; D.Valkenburgh, R.Nieuwland, B.Leget, A.Ooms, A.Berkhout, J.de Vries, J.Daudt, B.van Dam, L.v.d.Reijden, W.Hartog en J.Krul.
Het tweede elftal werd met wat meer moeitekampioen. Bij de promotiewedstrijden in de kampioenspoule moest vv Rijswijk 2 gebruik maken van maar liefst 19 verschillende spelers, waaronder Jan de Haan uit het zesde elftal. Jan ging maar door in de laatste wedstrijd tegen VVP 2, hij kon heel hard schieten en bleef er lustig op los poeieren, terwijl het team ver in de tweede helft gebaat was bij ”rust” , want met een gelijkspel waren beide elftallen naar de KNVB gepromoveerd. En dit geschiedde ook.
Het seizoen 1957-1958 werden er in de 3e Klasse weer veel wedstrijden verloren maar na een grandiose eindsprint wist Rijswijk 1 zich toch te handhaven.
Na twee jaar met het eerste elftal in de 3e Klasse gevoetbald te hebben met overwinningen op hooggeplaatste clubs en puntenverlies tegen laaggeplaatsten volgde in het seizoen 1958-1959, met 17 punten, wederom degradatie naar de 4e Klasse. Piet Telle maakte in dit seizoen zijn debuut voor Rijswijk 1 en Ben van Dam sr. speelde lang niet mee i.v.m. een operatie aan zijn heup.

Het eerste van Rijswijk, dat in het seizoen 1958-1959 in de 3e klasse B speelde en helaas degradeerde naar de 4e klasse.
Staand v.l.n.r; Jan Verdonk (grensrechter), Jan Daudt, Rink Nieuwland, Aad Berkhout, Aad van der Heide, Leen van der Reijden, Bart Leget. Beineveld(verzorger) en Jan Kok (leider). Zittend v.l.n.r; Deck Westerveld, Piet Telle, Ben van Dam, Arie Krijgsman, Dirk Key en Bart Berger.
Pas in 1977 keerde Rijswijk terug in die 3e klasse via een gewonnen nacompetitie met Voorburg, Moordrecht en GDS, die ook als tweede eindigden.
Sander van der Water groeide als keeper op bij RVC en stapte op zijn 22e bij Rijswijk binnen na een seizoen bij LENS ... Lees verder