De clubs

A B C D E F
G H I J K L
M N O P Q R
S T U V W X
Y Z

De clubs

A B C D E F
G H I J K L
M N O P Q R
S T U V W X
Y Z


Haagse Voetbal Historie foto site Haagse Voetbal Historie Youtube Filmpjes

U bent nu hier: Home»Alle clubs»Club

VUC (1909-1947)
Den Haag                         Deel 1
1909 - Heden

  

  

VUC

Sportpark: Het Kleine Loo 1
2592 BW Den Haag ZH
Contact: info@vuc.nl
Telefoon: 070-3858018
Site: http://www.vuc.nl/

 

Het ontstaan van VUC

Aan het einde van het seizoen 1908-1909 kwamen de twee voetbalverenigingen Voorwaarts en Utile Dulci met elkaar in gesprek over de mogelijkheid tot een fusie tussen beide clubs. Men was namelijk bang dat beide clubs niet meer levensvatbaar waren en zo, net zoals velen andere voetbalverenigingen uit die tijd, zouden worden opgeheven.
Op 15 augustus 1909 was het dan zover. In restaurant "HOF VAN BERLIJN" in de Papestraat te Den Haag werd de fusie gesloten. Een fusie tussen het op 3 maart 1901 opgerichte VOORWAARTS en het op 1 oktober 1905 opgerichte Utile Dulci (U.D.).
De oprichters kozen voor een naam waarin de namen van beide clubs in terugkwamen. Voorwaarts verlangde als "oudste" van de twee dat haar naam voorop kwam en zo werd het dus Voorwaarts Utile Dulci Combinatie of te wel V.U.C.

VUC in de jaren 1909 t/m 1919

VUC had bij het begin van haar bestaan 61 leden. Het eerste bestuur werd gevormd door voorzitter Jef Strous (een Voorwaarts-man), secretaris Aron van Praagh (U.D.-man) en penningmeester Willem Burgwal (U.D.-man).
De nieuwe vereniging had uiteraard een veld nodig. Er werd een veld gevonden bij de boerderij en bosjes van Pex in een niemandsland achter de toenmalige velden van Quick en DVV.
Dit terrein was te bereiken door de stoomtram naar Scheveningen te nemen tot aan de halte Laan van Meerdervoort. Vanaf daar moest men te voet verder over de brug over het afvoerkanaal en de Laan van Meerdervoort tot aan de Beeklaan, rechtsaf over de Beeklaan tot aan het zandpad naar links, en over dit zandpad nog een kwartier lopen tot voorbij de hoeve Hanenburg. Totaal moest men dus nog een half uur lopen vanaf de stoomtram om het VUC-terrein te kunnen bereiken. Leuk detail van dit terrein was dat voor de wedstrijd eerst nog de koeien van het veld moesten worden verjaagd.

VUC schreef voor het seizoen 1909-1910 vier elftallen voor de competitie in. Het 1e elftal maakte aanspraak op de plaats van "Voorwaarts" in de 2e Klasse van de N.V.B.
Men werd ingedeeld in de Westelijke 2e Klasse A samen met o.a. Ajax en AFC uit Amsterdam, VOC, Achilles en DVS uit Rotterdam en EDO uit Haarlem.
Op 26 september 1909 speelde VUC de eerste competitiewedstrijd uit haar bestaan, het betrof een thuiswedstrijd tegen DVS die helaas met 1-4 werd verloren. Op 10 oktober 1909 werd het eerste winstpunt behaald door thuis met 1-1 tegen EDO te spelen.
Vervolgens moest men tot 12 december 1909 wachten op de eerste competitie-zege van VUC. Op die dag werd in Rotterdam DVS met 0-2 verslagen. VUC maakte dit seizoen wel het genoegen om twee keer van Ajax te winnen, "thuis" werd het 4-1 en "uit" 1-2. VUC eindigde uiteindelijk als vijfde in de competitie met 14 punten uit 16 wedstrijden.
Het elftal van VUC bestond dit eerste seizoen van haar bestaan uit de volgende spelers: J.Walhain, C.Hoogerhoud, A.Nijland, J.Hoogerhoud, H.Swüste, P.Franken, J.Burghout, J.Moonen, J.Post, A.van Gilst en E.de la Bije.

De vele verhuizingen naar nieuwe terreinen

Al na één seizoen ziet VUC zich gedwongen om op zoek te gaan naar een nieuw terrein. Er werd een nieuw veld gevonden, op voor Voorwaarts-leden bekend gebied, aan de Kerklaan te Rijswijk. Daar in de stal van boer van der Klugt dienden de spelers zich om te kleden bij een wedstrijd.
Sportief gezien werd seizoen 1910-1911 een slecht seizoen. VUC schreef voor dit seizoen wederom vier elftallen in maar moest dit al snel bezuren als blijkt dat er regelmatig niet meer dan veertig leden beschikbaar waren voor wedstrijden.
Het 1e elftal eindigde op een laatste plaats in de Westelijke 2e Klasse A met slechts 9 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 19-50. De club mocht zich gelukkig prijzen dat de N.V.B. ertoe overging om het volgende seizoen de 2e Klasse uit te breiden met als gevolg dat er dit seizoen geen degradatie plaatsvond.

Het terrein aan de Kerklaan beviel de club allerminst, het veld was meer geschikt om je benen te breken dan om er voetbal op te spelen. Gelukkig kon VUC vanaf seizoen 1911-1912 beslag leggen op het veld van RVV, een paar honderd meter verderop aan de Kerklaan. Bovendien kon de kleedtent van RVV worden overgenomen. VUC zal drie seizoenen lang op dit terrein blijven spelen.
Sportief gezien ging het VUC in seizoen 1911-1912 een stuk beter. De club doet lang mee voor het kampioenschap in de 2e Klasse A en eindigde uiteindelijk achter kampioen VVA op een 2e positie met 20 punten uit 14 wedstrijden.
Seizoen 1912-1913 werd helaas een teleurstellend seizoen waarin VUC maar net de onderste plaats en het spelen van degradatieduels ontloopt. Met Kerstmis 1912 maakte VUC zijn eerste buitenlandse toer in haar bestaan, en wel naar Duitsland. Daar werden twee wedstrijden gespeeld tegen S.S. Werne (5-2 winst voor VUC) en Sportverein Germania (2-2).

Terrein aan de Prinses Mariannelaan te Voorburg

Bij het begin van seizoen 1914-1915 moest VUC haar terrein aan de Kerklaan in Rijswijk alweer verlaten en vond een nieuw onderkomen aan de Prinses Mariannelaan te Voorburg. Dit terrein was gelegen aan de Vliet en VUC zou hier in totaal 8 seizoenen spelen. Het was een mooi veld maar ideaal zou het nooit worden omdat de eigenaresse van dit terrein jaarlijks een lange periode ongestoord van haar stuk grond wilde genieten. Hierdoor moest VUC regelmatig aan het einde van het seizoen uitwijken naar het veld van De Ooievaars in de Beijersstraat te Den Haag of de Bondsvelden achter Houtrust.

In augustus 1914 braken overigens zorgelijke tijden aan want twee weken voordat VUC jubileerde brak de Eerste Wereldoorlog uit. Het oorlogsgeweld zou uiteindelijk het neutrale Nederland voorbij gaan maar Nederland ging wel over tot een militaire mobilisatie van ongekende omvang die tot het einde van de oorlog in 1918 zou voortduren. De N.V.B. besloot in deze oorlogsjaren een noodcompetitie in te stellen.

Na de 1e Wereldoorlog meteen een belangrijk feit bij VUC want in het jaar 1918 werd er bij de club overgegaan tot de oprichting van jeugdvoetbal. Competitievoetbal zouden de jongelui pas vanaf 1920 kunnen gaan spelen wanneer de H.V.B. de organisatie van het jeugdvoetbal op zich neemt.
het seizoen 1918-1919 is het tiende seizoen in de geschiedenis van VUC en leidde tot het eerste kampioenschap van het eerste elftal van de vereniging.
VUC werd ongeslagen kampioen in de 2e Klasse C met dertien overwinningen en één gelijk spel. Op 30 maart 1919 werd de titel definitief binnen gehaald in de uitwedstrijd tegen het Rotterdamse Neptunus.
VUC moest vervolgens in een nacompetitie met de andere 2e Klasse-kampioenen Hilversum en Stormvogels strijden om twee plaatsen in de 1e Klasse. Alle drie de clubs winnen al hun thuiswedstrijden waardoor de drie ploegen precies gelijk eindigde met ieder twee overwinningen en 2 nederlagen. De N.V.B. besloot weer een nieuwe competitie tussen de drie clubs uit te schrijven. Ditmaal, omdat de tijd drong, werd er een halve competitie gespeeld op een neutraal terrein. Op 3 augustus (!)1919 speelde VUC haar eerste wedstrijd op het terrein van Gouda gelijk tegen Hilversum. Stormvogels won een week later van Hilversum zodat VUC op 17 augustus 1919 aan een gelijkspel tegen het al gepromoveerde Stormvogels genoeg had om ook te promoveren. De wedstrijd werd gespeeld op het terrein van DEC in Amsterdam en eindigde in 0-0. VUC promoveerde, twee dagen nadat het haar tiende verjaardag had gevierd.
Het 1e elftal waarmee VUC de promotie had bereikt bestond uit: Kees Roem, Nico van de Willik, Freek van der Waal, Cor Calame, Aron van Praagh, Kas Bontje, Hanny Lissauer, Arie van der Elshout, Karel van der Meer, Emiel Graaf en Piet van der Waal.

Enige dagen later kreeg VUC (en Stormvogels) te horen dat men toch niet was gepromoveerd naar de 1e KLasse. Er was een conflict ontstaan tussen de "oude" eersteklassers (clubs die al voor seizoen 1917-1918 in de 1e Klasse speelden) en de voetbalbond over de "nieuwe tweede" eersteklasse (1e Klasse B). De voetbalbond kwam voor het blok te staan en besloot de 1e Klasse B maar in zijn geheel af te schaffen. Hierdoor belandde VUC in de door de bond nieuw ingestelde overgangsklasse.

Seizoen 1919-1920

Voorafgaande aan de competitie van seizoen 1919-1920 nam VUC voor het eerst in haar bestaan deel aan dan nog belangrijke toernooi om "de Zilveren Bal". De eerste wedstrijd speelde men 0-0 tegen de 1e Klasser Quick (H) en na loting mocht VUC verder. In de tweede ronde verloor VUC met 3-1 tegen de sterke zuidelijke 1e Klasser Willem II.
De start van de competitie in seizoen 1919-1920 kon ermee door. Er werd wel drie keer verloren maar de eerste drie wedstrijden leverde toch 5 punten op. Met nog vier duels voor de boeg had VUC 16 punten uit 18 wedstrijden. Helaas voegde VUC in de laatste vier wedstrijden slechts 1 puntje aan haar totaal toe, met als gevolg dat het na slechts één jaar samen met Concordia en Hercules degradeerde.
VUC was in dit seizoen wel succesvol in de toernooi om de N.V.B.-beker. Het 1e elftal haalde op 6 juni 1920 de finale die jammerlijk genoeg, op het veld van DFC in Dordrecht, met 2-1 werd verloren van CVV.

Seizoen 1920-1921

Het ledental van VUC nam gestaag toe. Dit verenigingsjaar liet een groei van 75 naar 105 werkende leden zien.
Terug in de 2e Klasse werd VUC 1 voor het seizoen 1920-1921 ingedeeld in een poule met allemaal clubs ver buiten de regio Den Haag. Hilversum, Allen Weerbaar uit Bussum, Victoria uit Loosdrecht, Velox, Hercules en D.O.O. uit Utrecht, Zeist en tot slotte Gouda en Olympia waren de tegenstanders.
De strijd om het kampioenschap ging het gehele seizoen tussen Hilversum en VUC. Na de laatste competitiewedstrijd waande VUC zich kampioen omdat het een beter doelsaldo had dan Hilversum echter Hilversum tekende protest aan bij de bond tegen de gang van zaken rond het fluiten van VUC-Hilversum (2-0) die al op 9 januari 1921 was gespeeld en als scheidsrechter VUC-lid Nol Lissauer had.
Hilversum kreeg gelijk en de wedstrijd VUC-Hilversum werd pas op 4 september 1921 overgespeeld. VUC won deze wedstrijd met 1-0 maar doordat VUC maar met één doelpunt verschil won had Hilversum weer een beter doelsaldo en promoveerde dus. Nu ging VUC weer in beroep en kreeg op 17 september 1921 (in al het nieuwe seizoen) te horen dat de thuiswedstrijd op 9 januari 1921 alsnog geldig werd verklaard en hierdoor promoveerde de club eindelijk VUC.
Eind 1920 ondernam VUC voor de tweede keer in haar bestaan een Kersttoer naar Duitsland. Met 25 mannen en 3 vrouwen vertrok men per trein naar Leipzig en Dresden. De afstand van ruim 8 uur over het spoor moest in staande of hangende houding worden doorgebracht.

Seizoen 1921-1922

VUC kwam dit seizoen dus weer in de "overgangsklasse" uit en speelde met vrijwel hetzelfde team als waarmee het in het vorige seizoen de titel in de 2e Klasse behaalde.
Op eigen terrein in Voorburg was VUC een meer dan geduchte tegenstander want in de 11 thuiswedstrijden werden maar liefst 16 punten vergaard. VUC had het genoegen om de thuiswedstrijden tegen Sparta (de uiteindelijke kampioen), Quick (de uiteindelijke 2e plaats) en ADO in winst om te zetten. VUC eindigde uiteindelijk op een 6e positie met 21 punten uit 22 wedstrijden en een doelsaldo van 29-30. 

                                         VUC 1 in seizoen 1921-1922

Voor het eerst in de historie van VUC kwamen in dit seizoen ook VUC'ers uit voor een vertegenwoordigend elftal. Kas Bontje, Freek van der Waal en Ed Bontje werden voor het "Haagselftal" gekozen.
Het seizoen 1921-1922 bleek onverwachts het laatste jaar te zijn geweest waarin VUC aan de Prinses Mariannelaan te Voorburg voetbalde. De eigenaresse van het terrein kwam in 1922 plotseling te overlijden. In haar testament bleek zij een bepaling te hebben opgenomen dat het landgoed gedurende een jaar na haar dood ongebruikt dient te worden gelaten. Dit dwong VUC tot het zoeken van een nieuw terrein en dat werd gevonden aan de Loosduinseweg. Dit terrein was gelegen waar nu begraafplaats Nieuw Eykenduynen bij de Den Helderstraat ligt. VUC kreeg met dit terrein de beschikking over 2 velden, welke het gehele jaar konden worden gebruikt als sportveld. De huurprijs voor die 2 velden bedroeg fl. 2900,00 per jaar.
VUC zou op dit terrein acht jaar lang spelen en er uitgroeien tot een grote club die op een gegeven moment uitkwam in de hoogste Klasse van het Nederlandse voetbal.

             De accomodatie aan de Loosduinseweg, halverwege twintiger jaren.

Seizoen 1922-1923

VUC begint haar nieuwe leven aan de Loosduinseweg waarin Herman Vintges (voorzitter), Jozef Knijff (secretaris) en Gerrit van Oortmerssen (penningmeester) de belangrijkste posities in het bestuur bekleedde.
In dit seizoen ging het niet best met het eerste elftal van VUC en eindigde dan ook op een voorlaatste plaats in de eindrangschikking met 15 punten uit 22 wedstrijden. VUC degradeerde zodoende, samen met ADO en VVA naar de 2e Klasse. Tijdens dit seizoen besloot de Bond ineens om vanaf seizoen 1923-1924 de 1e Klasse uit te breiden met een tweede afdeling en dan de Overgangsklasse op te heffen.
Nu VUC eindelijk een eigen terrein had waarover het het gehele jaar kon beschikken, maakte men van de gelegenheid gebruik om na afloop van de competitie een nderlaagserie, zogeheten seriewedstrijden, te organiseren. Er werden wedstrijden gespeeld tegen de 1e Klassers HBS, Quick, BVV uit Den Bosch, Go Ahead uit Deventer en Bredania uit Breda. Omdat HBS VUC de grootste nederlaag toebrengt (4-7) won men hiermee de seriewedstrijden.

Seizoen 1923-1924

In juli 1923 lag Herman Vintges zijn functie als voorzitter van VUC neer. Hij werd opgevolgd door Simon Rietveld, die echter na al een half jaar van functie wisselde met de 2e voorzitter Willem Burgwal.
Het seizoen 1923-1924 was wat VUC betrof "vlees noch vis". Het 1e elftal was ingedeeld in de 2e Klasse B van afdeling II met veel clubs uit Rotterdam en omgeving. VUC hield zich van begin tot eind van de competitie in de middenmoot op, zonder ook maar één opmerkelijk resultaat.
De seriewedstrijden, met ditmaal als tegenstanders HBS, DFC, Quick, Bredania, Sparta en Stormvogels, werd wederom door HBS (1-7 overwinning op VUC) gewonnen.

Seizoen 1924-1925

VUC kon voor dit seizoen wederom een elftal meer inschrijven en zodoende werd er aan seizoen 1924-1925 door zeven seniorenelftallen aan de competitie deelgenomen.
De geldnoot bij VUC was zo hoog dat het bestuur besloot om bij uitwedstrijden geen reiskosten meer te vergoeden. Hiertegen bestond veel verzet dat er uiteindelijk werd besloten dat reiskosten boven een bedrag van f.1,= vergoed zouden blijven worden.
VUC 1 draaide in de 2e Klasse B weer een matig seizoen en eindigde op een achtste plaats met 15 punten uit 18 wedstrijden.

Seizoen 1925-1926

Het seizoen 1925-1926 werd één van de meest gedenkwaardige uit de VUC-historie. Na een zeer spannende competitie en nog spannender promotiewedstrijden bereikte VUC voor het eerst in haar bestaan de 1e Klasse.
Het hele seizoen ging de strijd om de bovenste plaats in de 2e Klasse A tussen Hermes-DVS en VUC. Een zege in de laatste wedstrijd van het seizoen, thuis tegen LSV, voldeed om kampioen te worden. Na een 2-0 ruststand won VUC uiteindelijk met 5-2 en het kampioensfeest kon gevierd gaan worden.
In de promotie- en degradatiewedstrijden om één plaats in de 1e Klasse moest VUC het opnemen tegen CVV, de kampioen van de 2e Klasse B, en Haarlem, de nummer tien van de 1e Klasse afdeling II.
VUC begon de promotiecompetitie met een 4-2 uitzege bij Haarlem. Aan de Loosduinseweg werd CVV met 2-0 verslagen en VUC maakte hiermee een goede stap richting de 1e Klasse. VUC zat halverwege deze nacompetitie dus op rozen maar verliest dan ineens geheel onverwachts "thuis" van Haarlem met 1-2. CVV-VUC kende een spannend verloop en eindigde in 4-4. Direct na de wedstrijd diende VUC een officieel protest in (dat kon nog in die tijd) tegen het niet toekennen van een penalty aan VUC. De keeper van CVV, Dirk Nijs (de latere manager van Holland Sport) diende tijdens deze wedstrijd in zijn strafschopgebied VUC-speler Jan van Leersum een vuistslag toe. De scheidsrechter zond Nijs van het veld maar gaf vervolgens een vrije trap buiten het strafschopgebied.
Gebruikelijk in die tijd was dat voor het geval het protest wordt toegewezen, na deze wedstrijd de penalty alsnog genomen moest worden. Koos van de Wildt schoot de penalty onberispelijk binnen. Op 21 mei 1926 kende de protestcommissie het protest van VUC toe en werd de uitslag van CVV-VUC in 4-5 gewijzigd en hierdoor promoveerde VUC naar de 1e Klasse.

VUC 1, kampioen 2e klasse A, seizoen 1925-1926 met in willekeurige volgorde: Koos van Gelder, Reinier Hermans, Jelle Dill, Piet Hendriks, Jan van Leersum, Koos van der Wildt, Jan Bekker, Freek van der Waal, Jan Hendriks, Cees van der Zalm en Cor Calame,

Het succes van VUC had tot gevolg dat een aantal spelers zich in de kijker van het Nederlandse elftal speelde. Op 19 mei 1926 kwamen de VUC-spelers Cor Calame, Piet Hendriks en Koos van Gelder in Amsterdam uit in een zogenoemde proefwedstrijd tussen een Nederlands A- en B elftal ter voorbereiding van de interlandwedstrijd Denemarken-Nederland.  Uiteindelijk werd geen van de drie VUC-spelers gekozen voor de reis naar Denemarken.

Seizoen 1926-1927

VUC werd dit seizoen ingedeeld in de Westelijke 1e Klasse afdeling I samen met Ajax, Stormvogels, Excelsior, 't Gooi, RCH, Sparta, DFC, Blauw Wit en HVV. Het was geen best seizoen voor VUC want men eindigde op een één na laatste plaats met 13 punten uit 18 wedstrijden en de doelcijfers 37-52.
Wel won VUC dit seizoen voor het eerst in haar bestaan de N.V.B.-beker. Op weg naar de finale schakelde VUC achtereenvolgens Arnhemsche Boys, VOC, ASC, SVV, Excelsior, NAC en NOAD uit. De finale werd, in Arnhem nog wel, Vitesse met 3-1 verslagen.
Twee spelers van VUC maakten in het seizoen 1926-1927 hun debuut voor het Nederlandse elftal. De pas 18-jarige Kos van Gelder maakte zijn debuut op 31 oktober 1926 tegen Duitsland (2-3) en op 12 juni 1927 debuteerde Cees van der Zalm bij Denemarken-Nederland.

Seizoen 1927-1928

In competitieverband dit seizoen wederom een matig seizoen voor VUC 1. Van de 10 verenigingen in de West 1e Klasse eindigt VUC op een 7e plaats met 13 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 50-55. VUC 2 wordt dit seizoen wel kampioen van de reserve 3e Klasse van de N.V.B en promoveert na een beslissingscompetitie met ASC en Hoek van Holland naar de reserve 2e Klasse.
1 februari 1928 is een belangrijke datum in de VUC-geschiedenis want toen verscheen namelijk het eerste "VUC Nieuws" onder redactie van de heren Burgwal, Van Praagh en Gunzelzel.
Op 14 juli 1928 werd bij VUC door de heren Th. Dill (op dat moment voorzitter van de vereniging), Jacques Allart en Frits Hagedoren een afdeling cricket opgericht. Deze cricket-afdeling zou bijna zestig jaar blijven bestaan.
Wat de accommodatie betrof werd het aan het einde van het seizoen duidelijk dat VUC de langste tijd aan de Loosduinseweg had gespeeld. Op de grond waarop het veld lag zouden huizen worden gebouwd en straten worden aangelegd.
VUC's penningmeester, Gerrit van Oortmerssen, weet op het strand van Hoek van Holland voor f.850,= een demontabele strandtent te kopen en deze werd in de zomer van 1928 aan de Loosduinseweg afgeleverd en opgebouwd. Dit was de consumptietent, die na de verhuizing van VUC naar de Schenkkade in 1930 zal uitgroeien tot de in de geschiedenis van het Nederlandse voetbal zo befaamde "Wondertent".


                                           Het clublied van VUC

Seizoen 1928-1929

VUC was voorlopig nog op zoek naar een ander geschikt terrein een speelde dit seizoen "gewoon" nog aan de Loosduinseweg. Ondanks het naderende vertrek van de Loosduinseweg kocht VUC een tribune die bij een landbouwtentoonstelling op het Malieveld had gestaan. Gezien de resultaten in de competitie van VUC en de daarmee samenhangende grotere publieke belangstelling werd besloten de tribune toch nog op het oude veld neer te zetten.
Sportief gezien verliep voor VUC dit seizoen bevredigend. VUC begon dit seizoen met vier overwinning (tegen Stormvogels, Ajax, UVV en HFC) op rij en stond met de jaarwisseling aan de leiding in de 1e Klasse. Richting slot van de competitie verloor VUC echter haar wedstrijden één voor één en eindigde op een vijfde plaats met 20 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 51-47. Jelle Dill werd voor de derde achtereenvolgende seizoen topscorer van VUC, ditmaal met 15 treffers.

Seizoen 1929-1930

In augustus 1929 bestond VUC 20 jaar en dit jubileum werd groots gevierd. Nog voor deze feestweek werd er een nieuw bestuur gekozen en daarin keerde Willem Burgwal weer terug als 1e voorzitter. "Pa" Dill deed een stapje terug en werd 2e voorzitter.
Na de goede prestaties van het voorafgaande jaar verliep het seizoen 1929-1930 uitermate teleurstellend voor VUC 1. VUC eindigde op een laatste plaats in de Westelijke 1e Klasse met slechts 10 punten waardoor men genoodzaakt was om aan de promotie- degradatiecompetitie deel te nemen. De resultaten van VUC in deze promotie- degradatiecompetitie waren als volgt: VUC-DHC 1-1, Fortuna Vlaardingen-VUC 2-4, VUC-Fortuna Vlaardingen 7-4 en DHC-VUC 0-1. Door deze resultaten handhaafde VUC zich alsnog voor de 1e Klasse.

Seizoen 1930-1931 Verhuizing naar de Schenkkade

Ten aanzien van de terreinkwestie stond inmiddels vast dat VUC naar een nieuw complex aan de Schenkkade ging verhuizen. Dit terrein lag "ingeklemd" tussen de 2e Adelheidstraat (de tegenwoordige Prinses Beatrixlaan), de spoordijk, de keerlus van de tram onderaan het Station Laan van Nieuw Oost Indië en het water van de Schenk aan de zuidkant van de Schenkkade.

                Het complex aan de Schenkkade gezien in de richting van Voorburg.

In september 1930 werd dit prachtige complex met 4 velden, kleedkamers en clubhuis betrokken. Zelfs werd langs het hoofdveld een lichtinstallatie geplaatst (uniek voor Europa) a raison van fl. 17000,00, waarschijnlijk excl BTW. De vier houten lichtmasten waren 20 meter hoog en bezaten in totaal tachtig schijnwerpers. De tribunes en consumptietent aan de Loosduinseweg waren overigens binnen enkele weken afgebroken en aan de Schenkkade weer opgebouwd. Tevens werden achter de twee doelen extra staantribunes gebouwd.
Het nieuwe terrein en de lichtinstallatie werden op 8 oktober 1930 officieel in gebruik genomen met een lichtwedstrijd tussen VUC en een elftal van de Zwaluwen.

VUC 1 deed het in dit seizoen niet veel beter dan het vorige seizoen en dit nog wel dat de club, in navolging van andere clubs, toch ook was over gegaan om een trainer in vaste dienst aan te nemen. Met ingang van juli 1930 trad Pete Donaghy, voorheen oefenmeester van Sparta, tegen een jaarsalaris van fl.4.000,= voor twee jaar bij VUC in dienst. VUC eindigde op een achtste plaats van de tien clubs uit de 1e Klasse met 12 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 37-65. Het absolute dieptepunt dit seizoen was op zondag 11 januari 1931 toen VUC in Amsterdam met maar liefst 17-0 van Ajax verloor.
De lichtinstallatie van VUC baarde zoveel opzien dat er begin 1931 een verzoek van de KNVB aan VUC wordt gedaan of het Nederlands elftal gebruik mocht maken om op het VUC terrein te trainen.

Seizoen 1931-1932

VUC werd dit seizoen ingedeeld in de 1e Klasse van afdeling II samen met Feijenoord, ZFC, DFC, VSV, Blauw-Wit, Hilversum, ADO, Xerxes en HFC. Hoewel VUC dit seizoen geruime afstand weet te bewaren tot de laatste plaats, kwam het 1e Klasserschap aan het einde van het seizoen toch weer aan een zijden draadje te hangen.
Twee speeldagen voor het einde van de competitie wist VUC zich in veiligheid te spelen door een 2-1 overwinning op Feijenoord. Bij Feijenoord speelde naast de bekende spelers Van Male, Bul, Van Dijke, Paauwe en Vrauwdeunt ook ene Bart Wursten mee. Deze Bart Wursten zou later nog eens naar VUC komen en zijn zoon Rob (de latere voorzitter) meenemen.
VUC eindigde uiteindelijk op een zevende positie met 14 punten uit 18 wedstrijden. In het toernooi om de KNVB-beker werd VUC in de vierde ronde uitgeschakeld door Hermes-DVS. Dit was overigens de eerste competitie- of bekerwedstrijd die bij kunstlicht werd gespeeld. Trainer Pete Donaghy beëindigde na het seizoen 1931-1932 met VUC. Voor het nieuwe seizoen werd trainer P.J. Tilmans gecontracteerd, die vele jaren in Duitsland bij Monchengladbach had gevoetbald.

Seizoen 1932-1933

Het ledental van VUC bleef maar stijgen. De vereniging telde nu 341 leden, waarvan 133 jeugdleden.
In het seizoen 1932-1933 verging het VUC 1 zoals in de voorafgaande twee seizoenen. De club loopt opnieuw lange tijd gevaar om op de laatste plaats te eindigen maar ontloopt deze slechts dankzij een eigen "eindsprint". VUC eindigde in de 1e Klasse van de 10 clubs op een negende plaats met 12 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 46-64. Stormvogels werd overigens kampioen.
In dit seizoen werd het hoogste juniorenelftal van VUC kampioen van de 1e Klasse van de HVB.

Seizoen 1933-1934

Het seizoen 1933-1934 is één van de mindere uit de clubgeschiedenis van VUC. Het 1e elftal speelde het hele seizoen wederom in de onderste regionen van de 1e Klasse. Bovendien waren er in dit seizoen ontwikkelingen rond het 1e elftal dat binnen de vereniging tot ernstige bestuurcrisis leidde. Eerste elftal speler Miel Lelyveld werd door het bestuur niet meer opgesteld omdat hij "den goede clubgeest" herhaaldelijk had bedorven. In januari schorst het bestuur Lelyveld en droeg hem voor voor royement van de vereniging.
Zonder Miel Lelyveld zakte VUC naar de laatste plaats en kwam er vanuit de vereniging een beweging op gang om hem weer in genade aan te nemen. Het bestuur zwichtte voor de druk en hefte de schorsing van Lelyveld op. Vijf van de zeven bestuursleden stelden echter hierdoor hun zetels ter beschikking. Al met al liep het allemaal toch nog goed af, in een vergadering werden de "breuken" gelijmd en de onenigheden bijgelegd. De vijf bestuursleden bleven uiteindelijk aan, Lelyveld mocht lid blijven van VUC en VUC 1 handhaafde zich ternauwernood voor de 1e Klasse.
Het contract met trainer Tilmans werd aan het einde van het seizoen niet verlengd Tilmans vertrok naar MVV en de Hongaar Emil Riff, die eerder Go Ahead en RCH had getraind werd zijn opvolger.

Seizoen 1934-1935

Op 15 augustus 1934 vierde VUC haar 25 jarige jubileum. Er was o.a. een grote feestavond in de zaal van "de Dierentuin" georganiseerd.
Het seizoen 1934-1935 verliep voor VUC zoals die van de voorafgaande jaren. Er moest hard geknokt worden om niet op de onderste plaats te eindigen. VUC eindigde tenslotte op een zevende plaats met 14 punten uit 18 wedstrijden.
Zoals gebruikelijk passeerde dit seizoen weer een bonte stoet van buitenlandse clubs die op het VUC-terrein aab de Schenkade wikde voetballen. De interesse voor deze internationale wedstrijden was dermate groot dat VUC al enige tijd overwoog de capaciteit van de tribunes uit te breiden.
Een bouwploeg o.l.v. Gerrit van Oortmerssen, Joop Gelens en Jos Koolen breekt in vijf dagen tijd twee tribunes af, bouwt één van de oude opnieuw op en timmert aan de lange zijde een geheel nieuwe tweede rang in elkaar. Deze nieuwe staantribune kon 7.000 toeschouwers bevatten. De totale capaciteit van het VUC-stadion kwam met deze uitbreiding op 17.000 toeschouwers.

                Het hoofdveld van VUC aan de Schenkkade gezien vanaf het spoor

Seizoen 1935-1936

Ook in het voetbalseizoen 1935-1936 moesten bij het eerste elftal van VUC alle zeilen worden bijgezet om de promotie-en degradatiewedstrijden te ontlopen. In de eerste acht wedstrijden van het seizoen werd er twee keer gelijk gespeeld en zes keer verloren en stond de club helemaal onderaan in de 1e Klasse afdeling II.
Na de winterstop volgde er even een goede periode van VUC 1 maar toch eindigde de club samen met H.F.C. op een gedeelde laatste plaats zodat een beslissingswedstrijd nodig was om te bepalen welke van deze twee clubs promotie- en degradatiewedstrijden zou moeten gaan spelen.
Deze beslissingswedstrijd tussen H.F.C. en VUC werd op 5 april 1936 gespeeld in een uitverkocht stadion "De Meer" in Amsterdam. Zowel de Haarlemmers als VUC werden gesteund door duizenden meegereisde supporters.
VUC nam na 10 minuten voetballen de leiding door een doelpunt van Koos van Gelder maar vlak hierna maakte H.F.C. de gelijkmaker en was de ruststand 1-1. Negen minuten na rust zorgde Oscar Koppens voor de 2-1 van VUC. Na een ware belegering van H.F.C. behaalde VUC alsnog een 2-1 overwinning en bracht hiermee het 1e Klasse-schap in veiligheid.

Seizoen 1936-1937

VUC had voor seizoen 1936-1937 de bekende Engelse trainer Jack Hall aangetrokken. Trainer Hall was al 10 jaar werkzaam in Nederland en had o.a. Feijenoord en Willem II met succes getraind.
Drie wedstrijden voor het einde van de competitie speelde VUC zich al "in veilige haven", een verademing voor alle leden en supporters. Doordat VUC zich in de laatste 3 wedstrijden niet meer kon motiveren werd er ook drie keer verloren waardoor de club op een één na laatste plaats eindigde met "maar" 13 punten uit 18 wedstrijden en een doelsaldo van 26-43.
VUC 2 en VUC 3 werden beide dit seizoen kampioen van hun afdeling. Beide teams promoveerde, VUC 2 naar de res. 1e Klasse en VUC 3 naar de res. 3e Klasse.

Seizoen 1937-1938

In augustus 1936 waaide tijdens een nazomerstorm één van de vier houten lichtmasten om. Deze moest op korte termijn worden vervangen immers voor het nieuwe seizoen stonden ook weer vele lichtwedstrijden op het programma. Besloten werd om een stalen lichtmast te plaatsen. Al was het geen gezicht één stalen lichtmast met drie houten lichtmasten maar VUC had niet de financieën om in één keer vier nieuwe lichtmasten aan te schaffen.
Het seizoen 1937-1938 verliep voor VUC 1 zeer voorspoedig. De opgaande lijn, die al in het voorgaande seizoen was ingezet met beter voetbal, een verjongd team en meer punten, zette zich in dit seizoen door. Het elftal van VUC nam bijna het gehele seizoen een veilige positie in de middenmoot in.

Bertus de Harder

In het seizoen 1937-1938 deed "ene" Bertus de Harder zijn intreding bij VUC 1. Bertus zou later uitgroeien tot één van de beste voetballers die ooit op de Nederlandse velden te bewonderen is geweest. Hij zou in minder dan één seizoen tot het Nederlandse elftal doordringen. Andere spelers die dit seizoen doorbraken waren Jan Rolfes, Piet Vaalburg, Gerard Bonder en Karel de Harder, de broer van Bertus.

Seizoen 1938-1939

Het seizoen 1938-1939 was het meest succesvolle in alle jaren van VUC aan de Schenkkade. Hoewel het daar na de eerste wedstrijden niet naar uitzag, streed VUC tot kort voor het einde van de competitie met Ajax en Feijenoord om de titel.
Toen er zes wedstrijden waren gespeeld had VUC slechts vijf punten behaald. Dan won VUC ineens zeven wedstrijden op rij, waarbij het maar liefst 27 doelpunten maakte. VUC kreeg door deze goede resultaten aansluiting bij de bovenste clubs Feijenoord en Ajax. Als VUC dan gelijk speelt (1-1) tegen het laaggeplaatste 't Gooi en daarna zeer onfortuinlijk in Amsterdam met 2-1 van Ajax verliest verliest, waren de kansen op een titel zo goed als verkeken.
Wel wint VUC twee weken hierna in een uitverkocht huis aan de Schenkkade met 3-1 van Feijenoord, maar Ajax maakte geen miststap meer en werd kampioen. Uiteindelijk werd VUC derde met 23 punten uit 18 wedstrijden, vier punten minder dan Ajax en twee minder dan Feijenoord. Topscorer van VUC werd in dit seizoen Bertus de Harder met 19 treffers.
In het toernooi om de KNVB-beker kwam VUC ook in dit seizoen weer een heel eind en bereikte de kwartfinales. Op weg daarheen werden onder meer DHC, AFC en Heracles uitgeschakeld. In de kwartfinale werd een smadelijke nederlaag (5-0) tegen Wageningen geleden.

"De Wondertent"

Eind jaren dertig groeide de kantine van VUC (u weet wel, de voormalige strandtent gekocht in 1926 voor het VUC-terrein aan de Loosduinseweg) uit tot een begrip in de Nederlandse voetbalwereld en zal vanaf die tijd altijd bekend staan als de "Wondertent"
Hoe kwam men aan de naam "Wondertent"? Omdat VUC de eerste club op het vaste land van Europa was die over een lichtinstallatie beschikte, wekte dit de interesse van de KNVB voor de mogelijkheid de spelers van het Nederlandse elftal ook 's avonds te laten trainen en wedstrijden te laten spelen. En dat was hard nodig want het interlandvoetbal verkeerde in een crisis eind jaren twintig, begin jaren dertig. Er moesten drastische maatregelen worden genomen en dus benoemde de KNVB begin 1931 een Keuze Commissie (K.C), die maar één opdracht meekreeg: er moest een Nederlands elftal komen dat wint. Deze K.C. bestond uit het driemanschap Henk Herberts, Miel Mundt en  Karel Lotsy en deze heren beslisten over de samenstelling en voorbereiding van het Nederlands-elftal.
Vanaf dat moment werd het terrein van VUC wekelijkse 'Centrale Trainingen' voor het Nederlandse-elftal in het leven geroepen en begon de opmars van het Nederlandse voetbal. In 1934 breekt zelfs de allereerste "WK-koorts" in Nederland uit als Nederland zich zelfs weet te plaatsen voor het wereldkampioenschap voetbal in Italië. Iedereen was er van overtuigd dat de betere prestaties van het Nederlands elftal te danken waren aan de centrale trainingen op het terrein van VUC en de inbreng en donderspeeches van Karel Lotsy in de eenvoudige, voormalige strandtent die hiermee werd omgedoopt tot de "Wondertent".

De beroemde "wondertent" van VUC , waarin Karel Lotsy zijn beroemde donderspeeches hield voor de spelers van het Nederlands elftal, dat hier trainde.

Seizoen 1939-1940

In augustus 1939 werd de algehele mobilisatie afgekondigd en een vijftigtal VUC-ers moesten onder de wapenen. Gelet hierop besloot VUC om met negen i.p.v. twaalf elftallen voor de nieuwe competitie in te schrijven.
Op 1 september 1939 brak de Tweede Wereldoorlog uit. De KNVB besloot wel een competitie te verlaten verspelen, maar net zoals in seizoen 1914-1915 werd deze aangemerkt als "noodcompetitie". Er kwam een indeling waarbij het reizen van een clubs zoveel mogelijk beperkt werd en er zou aan het einde van het seizoen 1939-1940 geen sprake zijn van degradatie of promotie.
VUC werd zodoende ingedeeld in de 1e Klasse Westelijke afdeling II samen met Feijenoord, Sparta, HBS, Hermes-DVS, DFC, DHC, RFC, Xerxes en CVV. VUC speelde een middelmatig seizoen en eindigde in de staart van de middenmoot.
VUC werd dit seizoen getraind door Vilmos Halpern maar een succes was zijn optreden niet. VUC eindigde dit seizoen op een achtste plaats met 16 punten uit 18 wedstrijden met een doelsaldo van 39-58.
Gedurende de strenge winter van 1939-1940 werd er gedurende een aantal weken een ijsbaan op het VUC-terrein geëxploiteerd.

Seizoen 1940-1941

Al in april 1940 contracteerde VUC voor het seizoen 1940-1941 Jack Hall, die nog maar een jaar eerder VUC voor Feijenoord had ingeruild. Als op 10 mei 1940 de Duitsers Nederland binnenvallen bevindt Hall zich in Engeland. Van een terugkeer naar Nederland kon dus geen sprake meer zijn.
VUC had verder onvoldoende financiële middelen om een nieuwe betaalde oefenmeester aan te trekken en het eerste elftal zou zodoende tijdens de oorlog getraind worden door de oud-eerste-elftalspeler Piet Hendriks.
Hoe vreemd het ook mag klinken, maar het voetbal gaat na de Duitse bezetting van Nederland al gauw weer "gewoon" door. Sterker nog, het voetballen zou tijdens de oorlog alleen maar aan populariteit winnen.
De Duitsers verboden wel het spelen van "lichtwedstrijden" en ook mocht er in de wintermaanden 's-avond niet meer op het veld worden getraind, dit om de navigatie van geallieerde vliegtuigen te bemoeilijken.
In het seizoen 1940-1941 kon er weer een "normale" competitie worden gespeeld zodat er wederom degradatie en promotie kon plaats vinden. VUC werd ingedeeld in de 1e Klasse N.V.B. (op last van de Duitsers was de "K" van Koninklijke geschrapt) afdeling II met VSV, Ajax, Haarlem, DOS, Blauw-Wit, Xerxes, HBS, RFC en CVV en eindigde dit seozoen op een vijfde plaats met 18 punten uit 18 wedstrijden.
Opvallendste wedstrijd van dit seizoen was op 16 maart 1941 VUC-Ajax. Voor rust neemt VUC maar liefst met 6-0 de leiding door doelpunten van Holleman, Karel de Harder, Bonder (2x) en Bertus de Harder (2x) maar na de pauze kwam Ajax terug tot 6-6.

Seizoen 1941-1942

VUC 1 bestond dit seizoen grotendeels uit dezelfde spelersgroep van vorig seizoen, wel had Joop Holzenbosch een vaste plaats onder de lat verworven.
VUC eindigde uiteindelijk nog in de onderste helft van de ranglijst met 18 punten uit evenveel wedstrijden. ADO werd afdelings- en landskampioen. Topscorer bij VUC werd dit seizoen Jaap Jongeneel met 14 treffers, Bertus de Harder scoorde elf keer.

Seizoen 1942-1943

In het seizoen 1942-1943 werd VUC ingedeeld in de 1e Klasse van afdeling II met als tegenstanders Feijenoord, VSV, Blauw-Wit, DHC, Ajax, RFC, Haarlem, Emma en 't Gooi.
VUC begon de competitie heel matig, van de eerste zeven wedstrijden werd er maar eentje gewonnen (thuis tegen Ajax met 5-3).Hierna leefde de club helemaal op en behaalde overwinning na overwinning maar vervolgens ging het seizoen weer als een nachtkaars uit. VUC eindigde tenslotte op een vijfde plaats met 19 punten uit 18 wedstrijden met de doelcijfers 51-50.
In april 1943 werd bekendgemaakt dat de Nederlandse militairen die in de zomer van 1940 uit krijgsgevangenschap waren ontslagen opnieuw krijgsgevangene zullen worden gemaakt en naar Duitsland zullen worden gebracht. In mei 1943 werden alle mannen tussen 18 en 35 jaar verplicht zich aan te melden voor arbeidsinzet. Velen vertrokken naar Duitsland. Ook bij VUC regende het "bedankjes" wegens vertrek van leden naar "elders". Vele anderen doken onder om aan de arbeidsinzet te ontkomen.
Aan het einde van dit seizoen werd er door de N.V.B. lang gediscussieerd over de vraag of er in seizoen 1943-1944 een reguliere of een noodcompetitie dient te worden georganiseerd. Uiteindelijk kiest de Bond voor een tussenoplossing. Het seizoen 1943-1944 wordt als een reguliere competitie beschouwd, maar wel één waarin slecht gepromoveerd en niet gedegradeerd kan worden.

Seizoen 1943-1944

Het seizoen 1943-1944 wordt voor VUC één van de meest succesvolle uit haar geschiedenis. De club zal voor de eerste en enige keer in haar bestaan afdelingskampioen in de 1e Klasse worden.
VUC werd in dit seizoen ingedeeld in de 1e Klasse van afdeling II met Ajax, Feijenoord, DHC, VSV, Blauw-Wit, Haarlem, Emma, RFC en 't-Gooi.
VUC ging voortvarend van start en na 11 duels had de club een een ruime voorsprong van 5 punten op concurrent Feijenoord, 7 punten op VSV en 8 punten op Ajax en Haarlem.
Dan wordt er echter twee keer op rij verloren tegen resp. Blauw-Wit (3-2) en tegen VSV (4-1). Na deze twee nederlagen wint VUC weer twee keer op rij, waardoor de titel heel dichtbij komt. Wordt de uitwedstrijd tegen Ajax gewonnen dan zou VUC kampioen zijn, maar het liep heel anders. VUC verloor de wedstrijd tegen Ajax en niet zo zuinig ook:... 8-0, een afgang! Een week later liet concurrent Ajax een punt liggen in de uitwedstrijd tegen DHC (0-0) en dus kon VUC de titel veroveren op 13 februari 1944 in het thuisduel tegen Feijenoord.
VUC nam voor de rust met 2-0 de leiding door twee doelpunten van Bertus de Harder. Na rust werd het eerst 2-1 en vervolgens 3-1 door een doelpunt van Joek Brandes. In het laatste kwartier van de wedstrijd scoorde echter Feijenoord nog twee keer en zodoende werd de uitslag 3-3. Omdat Ajax won was VUC dus nog steeds geen kampioen.

De late gelijkmaker van Feyenoord in de wedstrijd VUC-Feyenoord(3-3), waardoor VUC het kampioenschap een week moest uitstellen. Op 20 februari werd VUC toch kampioen ondanks een 4-1 nederlaag bij DHC. Ook op het perron van station Laan van NOI duizenden toeschouwers.

VUC kampioen 1e Klasse

In het laatste duel van de competitie moest VUC nu minstens gelijk spelen in de uitwedstrijd tegen DHC om alsnog het kampioenschap binnen te halen. In de rust leidt VUC met 1-0 door een doelpunt van Bertus de Harder, maar in de 2e helft ging het helemaal mis bij VUC. DHC scoorde maar liefst vier keer zonder dat VUC daar iets tegenover kon stellen. En dan? Dan blijkt Ajax tot ieders verbazing zijn laatste duel thuis tegen stadgenoot Blauw-Wit met 1-3 te hebben verloren en zodoende was VUC toch kampioen, met 25 punten uit 18 duels en de doelcijfers 67-44.
Bertus de Harder (30 doelpunten) en Joek Brandes (23 doelpunten) waren samen goed geweest voor 80% van de doelpunten die VUC dit seizoen had gescoord.

Het kampioensteam uit seizoen 1943-1944. Staand v.l.n.r. Piet Hendriks(trainer), Tonny Strous, Jan Rolfes, Bob Stam, Kees Oostdijk, Akie van Hoek en Joop Holzenbosch. Zittend Jan Holleman, Kees den Hoedt, Joek Brandes, Karel de Harder en Bertus de Harder.

In de competitie om het kampioenschap van Nederland moest VUC het opnemen tegen de andere afdelingskampioenen De Voleijckers, LONGA, Heracles en Heerenveen.
VUC begon voortvarend aan deze "nacompetitie". Op 30 april 1944 moest VUC naar De Volewijckers en met deze wedstrijd in het verschied was de uitgangspositie voor VUC uitstekend. VUC had 9 punten uit 5 wedstrijden en De Volewijckers 6 punten uit 4 wedstrijden. Zou VUC deze wedstrijd winnen dat zat men op rozen met nog twee thuiswedstrijden voor de boeg.
De wedstrijd werd vanwege de overweldigende publieke belangstelling in het Olympisch Stadion in Amsterdam gespeeld voor maar liefst 40.000 toeschouwers. VUC werd in het eerste half uur weggespeeld (4-0) en verloor uiteindelijk met 5-1.
Zonder de stervoetballers Bertus de Harder, Karel de Harder en Joek Brandes (alle drie geschorst) en zonder de geblesseerde Cees Oostdijk verloor VUC een week later thuis van LONGA met 2-3 en leek de titel nu wel buiten bereik. In de laatste thuiswedstrijd speelde VUC 3-3 tegen Heerenveen en ging uiteindelijk De Volewijckers er met de landstitel vandoor.
Niet alleen sportief maar ook financieel was het seizoen 1943-1944 een topjaar. De thuiswedstrijd tegen Feijenoord en de daarop volgende thuiswedstrijden in de kampioenscompetitie leverde stuk voor stuk een uitverkocht huis op met 18.000 toeschouwers.

Seizoen 1944-1945

Tot begin september 1944 zag het er nog naar uit dat er ook in het seizoen 1944-1945 "gewoon" in competitieverband gevoetbald zal worden. Door de plotselinge ontwikkelingen in de oorlog kwam hier echter niets meer van terecht. Op 5 september 1944 (Dolle Dinsdag) maakte de bevolking van Nederland zich op om de bevrijders binnen te halen. De bevrijding van het Westen van het land zou echter nog acht lange maanden op zich laten wachten.
De hongerwinter van 1944-1945 die volgde werd gekenmerkt door een ongekend gebrek aan voedsel en brandstoffen. Dieven bleken inmiddels een deel van de houten tribune van VUC aan de Spoorzijde te hebben afgebroken en afgevoerd. VUC vreesde door het gebrek aan brandstoffen dat de overwegend uit hout opgetrokken accommodatie verder gesloopt en geplunderd zou worden.
Op 3 maart 1945 werd het aan het terrein van VUC grenzende Bezuidenhout bij vergissing door de Geallieerde vliegtuigen gebombardeerd. Bij dit bombardement kwamen meer dan 500 mensen om het leven, werde meer dan 3.000 woningen verwoest en raakte meer dan 12.000 mensen dakloos. Onder de slachtoffers bevonden zich ook veel leden en donateurs van VUC.

Bij het bombardement bleef ook het complex van VUC niet gespaard. De overdekte tribune en de kleed- en wasgelegenheide en bestuurs- en magazijnruimte die erachter lagen kregen een voltreffer, waarbij ook het VUC-archief verloren ging. Na het bombardement sloegen plunderaars hun slag en werden de kleedgelegenheid en een deel van de achterzijde van de tribune aan de Schenkkade vernield en veel hout gestolen. Ook de consumptietent (wondertent) raakte volledig onbruikbaar.

Seizoen 1945-1946

Op 13 juli 1945 vond de eerste algemene ledenvergadering na de bevrijding plaats. Het bestuur stond stil bij hen die in de oorlog hun leven hadden verloren c.q. nog niet waren teruggekeerd, zoals de twee oprichters van VUC Aron van Praagh en Ber Posman.
Tevens kwam op deze vergadering aan de orde de voorstellen tot royement van Bertus de Harder en Joek Brandes, met de nasleep van de gebeurtenissen in de lente van 1944. Wat was n.l. het geval geweest? Bij één van de belangrijkste wedstrijden van VUC op 30 april 1944 tegen De Volewijckers werd Bertus de Harder verweten dat hij de voorgaande avond "te diep in het glaasje zou hebben gekeken". Gevolg hiervan was dat de altijd zeer goed voetballende Bertus er tijdens deze wedstrijd niets van bakte, en daardoor door het bestuur een voorlopige schorsing kreeg opgelegd. Bertus zijn broer Karel kreeg ook een voorlopige schorsing opgelegd omdat hij vlak voor deze zelfde wedstrijd had meegespeeld in een bedrijfsvoetbalwedstrijd. En voorts lag het bestuur van VUC ook Joek Brandes een voorlopige schorsing op omdat hij geld zou hebben ingezet op een wedstrijd waaraan hij zelf deelnam.
De leden stemde tijdens deze vergadering voor de verwijdering van Bertus de Harder uit de vereniging, maar tegen het voorstel om Brandes buiten de club te zetten. Vanwege dat laatste trad het bestuur van VUC in zijn geheel af.
Tijdens de volgende vergadering o.l.v. van een nieuw bestuur wordt het royement van Bertus de Harder ingetrokken maar blijft hij nog wel voor één jaar geschorst.
In dit seizoen 1945-1946 verleende VUC onderdak aan 2e Klasser VIOS.

Inmiddels werd er ook weer gevoetbald, op een VUC-terrein dat ernstig onder de oorlog te lijden heeft gehad. VUC werd voor het seizoen 1945-1946 ingedeeld in de 1e Klasse West II samen met Haarlem, Blauw-Wit, Sparta, DWS, Neptunus, Feijenoord, DHC, Stormvogels, HBS en DFC. VUC speelde deze competitie dus zonder Bertus de Harder (geschorst) en Joek Brandes (had de club verlaten en was overgestapt naar 't-Gooi). De competitie begon pas in november 1945 en het werd een slecht seizoen voor de club. VUC eindigde tenslotte op de laatste plaats met 11 punten uit 20 wedstrijden en de doelcijfers 24-53.
Dat VUC op de laatste plaats eindigde, betekende dat het promotie- en degradatiewedstrijden moest spelen tegen de kampioenen van de 2e Klasse, Excelsior en Unitas. VUC startte teleurstellend en verloor de eerste wedstrijd thuis van Excelsior (1-3). Hierna werd er twee keer van Unitas gewonnen zodat de wedstrijd Excelsior-VUC de beslissing moest brengen.
De wedstrijd werd gespeeld op 28 juli 1946 in een uitverkocht (50.000 toeschouwers) Stadion Feijenoord. VUC nam in deze wedstrijd nog wel twee keer een voorsprong maar verloor uiteindelijk de wedstrijd met 3-2.
VUC degradeert na 20 jaar op het hoogste niveau te hebben gespeeld!

Seizoen 1946-1947

In de zomer van 1946 besloot VUC om aan de Spoorzijde een nieuwe betonnen staantribune te bouwen. Deze zou plaats bieden aan 1.500 toeschouwers.
VUC 1 werd ingedeeld in de 2e Klasse A samen met Unitas, Velox, CVV, ODS, Gouda, COAL, VFC, HVV, BMT en Hercules.
Uiteraard was VUC er alles aan gelegen om het door degradatie verloren gegane terrein in één keer te heroveren.
In de laatste wedstrijd van het seizoen stond VUC-Unitas op het programma. Beide teams stonden bovenaan met evenveel punten. Voor 15.000 toeschouwers aan de Schenkkade won VUC met 1-0 (doelpunt Cees Oostdijk) en behaalde hiermee het kampioenschap.
VUC moest om promotie naar de 1e Klasse voetballen tegen Excelsior en SVV. De verwachtingen waren hoog gespannen maar nog groter was de teleurstelling als VUC alle wedstrijden kansloos verliest. Excelsior handhaafde zich in de 1e Klasse.

Een heugelijk feit was dat in oktober 1946 de vernieuwde lichtinstallatie in gebruik kon worden genomen. Dit gebeurde in een duel met De Volewijckers (2-2).
In maart 1947 speelde VUC een lichtwedstrijd tegen het sterke Zweedse Malmö in een volledig uitverkocht stadion. Deze wedstrijd bracht VUC een netto-recette van fl.9.000,= in het laadje.

Klik hier voor het vervolg van de geschiedenis van VUC

Naar alle clubs